Gehad

2006 was een geweldig jaar als het aankomt op muziek. Het jaar dat ‘When you were young’ van The Killers uitkwam. Het jaar dat ik ‘What’s that coming over the hill? Is it a monster? Is it a monster?’ mee kweelde om even aan mijn studieboeken te ontsnappen. Het jaar dat Franz Ferdinand aan Eleanor vroeg om haar botjes opnieuw aan te doen. Het jaar dat de frontman van Radiohead een dijk van een nummer afleverde onder de naam ‘Harrowdown hill’. Een nummer dat niet alleen muzikale perfectie weerspiegelt, maar ook nog eens een verhaal vertelt. Over een man die zelfmoord pleegde. Of vermoord werd. Een spelletje Monopoly van monopolies.

’t Is op het moment dat ik tussen mijn muziekbibliotheek scroll, op zoek naar Thom Yorke, dat het zoveelste sms’je van Dries mijn gsm doet zingen.

2006 is tevens ook het geboortejaar van Placebo’s ‘Song to say goodbye’.

Deze morgen werd ik wakker met drie vingers in mijn lijf, een zware adem en een hand om mijn rechterborst. Mijn eigen hand. Niet Dries’ hand. Hoewel die naast mij lag. En maar gewoon toekeek. In compleet onbegrip van wat er zich juist afspeelde. ’t Was zo’n mooie droom. Zelfs nadat de grens tussen slaap en werkelijkheid zienderogen verdunde, verwaterde en uiteindelijk vervaagde, tintelde mijn lijf nog steeds van genot. Maar toen sloop de zon in mijn ogen en verdwenen alle mooie beelden uit mijn hoofd. Toen verscheen alleen nog maar Dries op mijn netvlies, die zijn knappe gezichtje verward fronste, een keer gromde, en dan enige uitdrukking gewoon van zijn gezicht gomde.

Hij had ’t plan opgevat om zachtgekookte eitjes te maken, maar serveerde uiteindelijk eitjes met een leger eiwit dat langs de barstjes probeerde te ontsnappen en dooiers die allesbehalve gedooid waren. Ik brak de schaal van m’n ei open en even overwoog ik om een flauw mopje te maken, iets à la, hey, Dries, op een schaal – haha – van één tot tien, hoe knorrig ben je?, maar zijn blik zei genoeg. Dries was goed op weg om van ‘kwaad’ een werkwoord te maken. Hij kwaadde zich een weg door ‘t ontbijt.

“Wat? Wat is ‘t? Wat zit je dwars?” Wat dwarst je? had ik bijna gezegd, omdat ’t zo veel mooier klonk in mijn hoofd. Hij nam een slordig gesneden soldaatje, plaatste er een hardgekookt stukje dooier op – van doppen was nu geen sprake meer – en kauwde er allesbehalve per abuis tergend traag op, terwijl hij zich focuste op een punt net boven mijn kruin.

“Dries. Kom nu. ’t Was een droom. Ik had plezier. Mag het?” Het moet, dacht ik erbij, want ik had ’t gehad, gehad met de liefdevolle knuffels, gehad met zijn ingetapete been, gehad met ons non-seksleven, gehad met alle afleveringen van Friends op de hele planeet, gehad met Dries. Ik had ’t gehad.

“Laat vallen”, zei hij uiteindelijk, op een toontje dat allesbehalve suggereerde dat ik ook maar iets mocht laten vallen, zelfs geen veertje dat er best wel wat seconden over zou doen om de grond te raken. Hij wipte zijn linkerbeen nerveus op en neer en bleef stuurs voor zich uit staren.

“Ik heb ’t gehad”, zei ik, en ik schoof kalm mijn stoel achteruit, raapte m’n spullen samen, schoof mijn voeten in mijn versleten bruine pumps en deed niet eens de moeite om de voordeur achter me te sluiten. Dries volgde niet. Dries bleef op die stoel zitten. Met z’n soldaatjes op z’n bord. Hij was vast nog steeds met z’n been aan het wippen, de zwaartekracht tartend, op het moment dat ik in mijn eigen douche stapte en mijn onderbroken werk van die morgen verderzette, tot mijn knieën knikten en ’t water in mijn open mond stroomde.

Eerlijk gezegd begrijp ik mezelf niet meer. Nee, echt. Dagen loop ik te treuren om de afwezigheid van Dries in m’n leven. Komt-ie er terug in, mis ik ’t om hem te missen. Ik masseer mijn slapen terwijl Yorke alle moeilijke vragen voor mij beantwoordt: don’t ask me, ask the ministry. ’t Begon allemaal wel goed, ’t moet gezegd. Dagen onder kleine blauwe lakentjes, met stiekem lauw wordende pintjes en zachte vingers rond mijn oren, rond mijn mond, rond mijn lippen, en zelfs op mijn andere plekjes, maar, en, hoe oppervlakkig ’t me ook maakt, ook dagen zonder seks. Aanvankelijk probeerden we nog, maar Dries conformeerde zich zo snel aan de luie bankhangdates. Aan de afhaalpizza’s. Aan de lieve woordjes voor ’t slapengaan. En ik, ik rebelleerde. Ik rebelleerde tegen de zoete zinnen en ’t schuren van een gips tegen mijn billen. Ik snakte naar stoute lettergrepen en een nummertje tegen de muur.

Dit liefde-ding, ik doe ’t niet goed. Ik kan ’t niet. Ik wil ’t niet. ik heb ’t gehad.

Mijn gsm zingt opnieuw, en houdt deze keer niet op na één biepje. Hij belt. Ik neem niet op. Mijn gsm stopt. Trilt dan opnieuw. Voicemail. Ik luister vaag. De woorden dansen rond mijn rechteroor. “Luna”, “kom terug”, “praten”, “fout”, “serieus”.

Ik draai mijn iPhone om en staar naar mijn hoesje. It’s hard to be me. Cadeautje van m’n mama, een ‘souvenirtje’, zeg maar, toen ze na twee weken Spanje opnieuw Belgische oorden opzocht. Ik snapte ’t niet, toen ze het me gaf. Voelde me zelfs een beetje beledigd. Maar nu mijn telefoon nog maar eens vibreert en ik nog maar eens de standaard beltoon van Apple door mijn keuken hoor galmen, begin ik ’t een beetje te begrijpen. Ik laat mijn gsm zijn lied zingen tot de laatste noten uitsterven. Geen extra biepje deze keer. Geen voicemail. Alleen een vage herinnering aan een nummer dat zonet nog de ruimte vulde. Een lied dat op dit moment, zelfs met zijn neutrale tonen, meer zei dan de boodschap van Thom Yorkes Harrowdown Hill. Een song to say goodbye.

My oh my.

Genomineerd! Stemmen op Lunalovesgood (categorie ‘personal’) mag altijd. Hoeft absoluut niet. Maar mag altijd. #weekendblogawards
Nu terug te vinden op Facebook, maar ook nog steeds op Twitter.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s